huis van het werk

mei, 2019

‘Investeren in leren en ontwikkelen loont’

Het grootste deel van het leren door werkenden gebeurt niet in een klaslokaal maar op de werkvloer. Daarom pleit dr. Ruud Gerards, onderzoeker en projectleider aan het Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt aan de Universiteit Maastricht, voor investeren in een positieve leercultuur.

Wat zijn de kenmerken van een positieve leercultuur?

‘De definities lopen uiteen, maar het belang van psychologische veiligheid staat buiten kijf. Je moet een omgeving creëren waarin mensen fouten durven maken, constructieve feedback durven vragen en geven, ideeën mogen opperen en daarvoor waardering krijgen. Dan kunnen medewerkers ook echt groeien. Een positieve leercultuur is heel belangrijk. Uit onderzoek blijkt namelijk dat 85% van al het leren op het werk het gevolg is van informeel leren. Als we ook leeractiviteiten buiten het werk meenemen, zoals vrijwilligerswerk en mantelzorg, dan blijkt informeel leren op het werk nog altijd verantwoordelijk voor 67% van de totale leertijd. Slechts 12 procent van al het leren vindt plaats in een gerichte, formele setting. Dat wil overigens niet zeggen dat we formeel leren kunnen overslaan. Formeel en informeel leren versterken elkaar en vergroten allebei de taakeffectiviteit. Ook leidt het volgen van een cursus in vaktechnische of digitale vaardigheden tot een hogere verwachte pensioenleeftijd: mensen zijn dan bereid langer door te werken. Dat draagt bij aan een duurzame inzetbaarheid.’

Waarom is investeren in een leercultuur juist nu belangrijk?

‘Er zijn verschillende redenen. Onderzoek laat zien dat een goed opgeleide workforce gerelateerd is aan goede bedrijfsuitkomsten, terwijl werknemers met een skills gap leiden tot minder goede resultaten. De tijd waarin wij leven speelt ook zeker een rol. De veranderingen in technologie gingen volgens velen nooit zo snel; je moet de vinger aan de pols houden om competitief te blijven. Dat betekent niet alleen investeren in nieuwe technologie maar ook in de werknemers die ermee zullen werken. Dat wordt weleens vergeten. En in deze krappe arbeidsmarkt kun je je met een positieve leercultuur ook positief profileren als werkgever.’

Hoe zit het met de bereidheid van werknemers om te leren?

‘Zo’n 54 procent van alle werknemers heeft in de afgelopen twee jaar een cursus gevolgd. Dat lijkt heel mooi. Maar als je de werkzame beroepsbevolking nader bekijkt, zie je duidelijk verschillen tussen groepen. Hoger opgeleiden volgen relatief vaker een cursus dan lager opgeleiden, en jongeren relatief vaker dan ouderen. De groep die het minst vaak cursussen volgt, zijn de mensen met een tijdelijk contract, zonder perspectief op een vast dienstverband. Werkgevers zijn helaas terughoudend om in deze groep te investeren. Dat is niet verstandig, want de toegevoegde waarde van zo’n kracht neemt dan snel af, voor jou en voor het volgende bedrijf dat hem inhuurt. Globaal zijn medewerkers sneller bereid om scholing te volgen als er niet gevraagd wordt om een bijdrage in geld of eigen tijd. Ook is er meer animo om vaktechnische cursussen te volgen dan algemene, zoals communicatieve vaardigheden.‘

Wat zijn punten waar je aan moet denken?

‘Het is belangrijk om te blijven investeren in leren en ontwikkelen – niet alleen in tijden van hoogconjunctuur, maar doorlopend. Dan bereik je de beste resultaten. Er is eigenlijk nog te weinig onderzoek gedaan naar de effectiviteit van individuele instrumenten om een leercultuur te stimuleren. Dat maakt het extra belangrijk voor HR-professionals om onderling kennis uit te wisselen met elkaar en van elkaar te leren: hoe pakken jullie het aan, wat werkt binnen jouw organisatie? Netwerken als het Huis van het Werk kunnen daarin waardevol zijn. Je zou kunnen zeggen dat leren van elkaar vast onderdeel is van een leven lang leren voor HR-professionals.’ «


Dr. Ruud Gerards is spreker op 20 juni op Huis van het Werk Strategisch. Meld u nu aan op huisvanhetwerk.nl


© 2019 Huis van het Werk.
Concept en realisatie: Storytelling20
25.
All rights reserved.